Jehovah’s Getuigen: ‘Toon en aandacht discussie kindermisbruik is buitenproportioneel’

De Jehovah’s Getuigen lieten dinsdag tegenover RTV Drenthe weten dat zij van mening waren het slachtoffer te zijn van een hetze wat betreft de aantijgingen over seksueel misbruik van kinderen. Woordvoerder Michel van Hilten van de Jehovah’s Getuigen legt uit.

Jullie spreken van een hetze tegen de Jehovah’s Getuigen, waarom?

 ‘Wij hebben het woord ‘hetze’ in de mond genomen omdat wij van mening zijn dat de toon van de discussie en de aandacht die het krijgt buitenproportioneel zijn. Hier willen wij het verder bij laten.’

Waarom weigeren jullie medewerking aan het onderzoek van politie en justitie?

‘Ons kerkgenootschap is geen onderdeel van het onderzoek door justitie. Het is ons bekend dat er enkele aangiftes tegen (vermeende) daders gedaan zijn. We werken in principe graag mee, maar uit respect voor de privacy van slachtoffers en eventuele derde-betrokkenen moeten wij altijd een belangenafweging maken. Wij nemen overigens geen enkele dader van kindermisbruik tegen de consequenties van zijn misdrijf in bescherming.’

Jullie gaven aan zelf geen statistieken bij te houden wat betreft het seksueel misbruik, de door slachtofferplatform Reclaimed Voices aangehaalde 300 zou echter wel heel erg veel zijn. Hoe kun je bepalen wat veel is of niet?

‘Jehovah’s Getuigen staan er om bekend dat zij er uiterst hoge morele, Bijbelse maatstaven op na houden. Dat neemt echter niet weg dat wij, zoals overal in de maatschappij, helaas moeten vaststellen dat ook enkele van onze lidmaten met seksueel misbruik in verband zijn gebracht. Maar dat kan op geen enkele wijze op ons kerkgenootschap als geheel slaan.’

 Hebben jullie zelf overzicht van het aantal misbruikzaken binnen de geloofsgemeenschap?

‘De ouderlingen in de betreffende plaatselijke gemeente beoordelen of iemand kan blijven en zullen de dader duidelijk maken dat hij waarschijnlijk nooit in aanmerking zal komen voor een taak in de gemeente. Wij doen alles wat binnen ons vermogen ligt om te voorkomen dat daders opnieuw een gevaar voor onze kinderen zouden kunnen worden.’

 De Universiteit van Utrecht komt onderzoek doen naar de wijze waarop jullie geloofsgemeenschap omgaat met misbruik. Stelt dat het onderzoeksteam concludeert dat de Jehovah’s Getuigen hier anders mee om dienen te gaan, zijn jullie dan bereid om jullie huidige beleid aan te passen?

‘De universiteit heeft zich nog niet bij ons gemeld, dus het lijkt ons erg voorbarig om nu al vooruit te lopen op hoe hun onderzoek zal verlopen en tot welke conclusies men wellicht komt. Wij hebben echter alle vertrouwen in de uitkomst ervan.’

Ontmoedigd

Nieuws over seksueel misbruik bij de Jehovah’s Getuigen kwam uitgebreid aan bod in de verslaggeving van het dagblad Trouw. De Jehovah’s zouden gebruik maken van een eigen rechtssysteem, daders zouden vaak ongestraft blijven en slachtoffers zouden worden ontmoedigt bij het doen van aangifte. Inmiddels heeft het Openbaar Ministerie negen aangiften in behandeling en hebben zich bij slachtofferplatform Reclaimed Voices ruim 300 mensen zich gemeld.

De geloofsgemeenschap paste onlangs zijn misbruikbeleid aan. Daarin valt te lezen dat slachtoffer en de ouders het recht hebben om aangifte te doen van kindermisbruik. Bij melding van kindermisbruik zullen ouderlingen ook wijzen op deze mogelijkheid en die keuze verder niet bekritiseren, valt er te lezen. Ook wordt toegezien op het naleven van de wettelijke meldplicht. Het initiatief tot het doen van aangifte ligt echter bij de slachtoffers.

Andere kernpunten uit het beleid: ouderlingen vragen een misbruikslachtoffer nooit om de beschuldiging te bespreken in het bijzijn van de vermeende dader. En als een gemeentelid een berouwloze kindermisbruiker is, wordt hij uit de gemeente gezet en niet langer als een van Jehovah’s Getuigen bezien.

Wie wel berouw toont mag blijven, maar wordt beperkt in zijn omgang met kinderen. Een dader kan ook weer in aanmerking komen voor een verantwoordelijke positie in de gemeente. Maar wel pas na tientallen jaren.