Het bizarre bestaan van biker Henk Kuipers op papier gezet

Klazienaveen - ‘Op een dag wordt er bij me aan de deur geklopt. Een mannetje van de nationale recherche. Meneer Kuipers, zegt ie, U staat op een dodenlijst. Is er iets wat wij als politie voor u kunnen doen?

Ik zeg: Ja, me vanaf nu nooit meer aanhouden als ik te hard rij! Niet dat het me wat uitmaakte trouwens, want bekeuringen vreet ik toch op, haha!’ (fragment uit: Vechten voor mijn leven)

Vechten voor mijn leven geeft een inkijk in het leven van Henk Kuipers uit Klazienaveen, biker en captain van de roemruchte motorclub No Surrender. Dit onthullende boek laat de volstrekt bizarre, met motorolie, bloed, cocaïne en bankbiljetten geplaveide levensloop zien van een brullende beer met een klein hartje. Die genadeloos afrekent met lieden die hem een kunstje flikken, maar overloopt van liefde voor degenen die hem dierbaar zijn. Die overeind bleef in de keiharde wereld van kickboksen en kooigevechten en als bodyguard schouder aan schouder stond met Bill Clinton en knakworsten vrat met André Hazes.

Grote drang om zich te bewijzen

Henk Kuipers (1964) is voor de duvel niet bang. Het dikke boertje uit Klazienaveen, dat in de klas met zijn klompje op de meester insloeg, groeide uit tot een leidinggevende figuur in de wereld van de outlaw-motorclubs. Met een grote drang om zich altijd maar te moeten bewijzen, die afkomstig is uit zijn jeugd.

Elk bot wel eens gebroken

Kuipers is harder dan een hunebed. Hij is als het ware in staat om met zijn granieten vuisten een dragende muur door te breken. Er is dan ook een hoop kapot gegaan, in een halve eeuw Henk Kuipers. Vooral aan Henk Kuipers zelf. Naast een oor dat het niet meer doet, functioneert een oog bijna niet meer. En is nagenoeg elk bot in zijn lichaam wel eens gebroken geweest.

Vechten voor zijn leven

Kuipers, inmiddels captain van No Surrender voor heel Europa, beleefde in de afgelopen halve eeuw meer avonturen dan een scenarioschrijver in een soapserie kan proppen. In het boek komen keer op keer Henks vuisten aan het woord – want regelmatig heeft Henk moeten vechten voor zijn leven. Als freefighter, als bodyguard, maar ook als hoofd van zijn gezin. Want de klappen zijn voor buiten, de strelingen voor binnen. Voor die laatste, intieme leefgemeenschap gaat hij dwars door het vuur, hij neemt met verve de rol van vader en grootvader op zich.

Eerlijk en openhartig

Alles is extreem in het leven van Henk Kuipers. Henk heeft blunders begaan, verkeerde dingen uitgevreten en nederlagen geleden, daar is hij heel eerlijk en openhartig over. Hij schaamt zich daar ook geenszins voor, getuige de tekst van zijn grote held Che Guevara, die op zijn linkerbeen prijkt: ‘If I lose, it will not mean that it was impossible to win.’ Maar daarnaast heeft hij ook gigantische successen behaald, zowel op zakelijk als op sportief gebied. Want in de wereld van de security, de vechtsport en de motoren kon de afgelopen halve eeuw niemand om Henk Kuipers heen. Soms zelfs letterlijk, want er was een tijd dat hij 151 kilo woog.

Overstap van Satudarah naar No Surrender

Kuipers riep de toorn van de Hells Angels over zich af en haalde nationale en internationale bekendheid toen hij als kopstuk van Satudarah overstapte naar No Surrender. Sindsdien kijkt Kuipers elke dag wel een paar keer over zijn schouder. Uit voorzorg, niet omdat hij angst heeft. ‘Als het komt dan komt het, daar ben ik heel makkelijk in.’

Journalist Michiel Blijboom (1961) schreef voor bladen als Panorama en HP/De Tijd. Ook vertaalde hij het boek Onderwereld op wielen over de onstuitbare opmars van de motorgangs. Voor Vechten voor mijn leven trok hij lange tijd met Henk Kuipers op.