Karla uit Emmen wacht op een donorhart: 'Maar als er een donor komt, is er tijdens 'code zwart' nog wel een IC-bed voor mij?'

Karla ten Napel (67) uit Emmen wacht op een nieuw hart wegens een afwijking, maar wat als een donor zich meldt als er geen IC-bed voor haar vrij is? „De kans is groot dat het dan klaar is.”

Haar tas staat altijd klaar, de smartphone neemt ze mee naar het toilet en Karla ten Napel (67) zorgt dat ze altijd op een uurtje afstand van het UMC Groningen blijft. Het leven van de vrouw uit Emmen is fragiel door haar hartafwijking. In twee weken tijd kan ze hard achteruit gaan en is de dood nabij, aan de andere kant kan elk moment het verlossende telefoontje voor een donorhart binnenkomen.

Ten Napel heeft een PLN-mutatie, een afwijking waardoor haar hartpomp steeds slechter functioneert. Het blijkt te gaan om een erfelijke aandoening. Eerst is het haar zus, Anneke, die twaalf jaar geleden ernstig ziek wordt.

Daarna vinden artsen het gen van de hartafwijking ook bij Karla, een broer en een andere zus. „Anneke is lang onder behandeling geweest en heeft uiteindelijk een nieuw hart kunnen krijgen in Portugal. Daar heeft ze tot vorig jaar goed mee kunnen leven, maar haar lichaam was op.”

Donorhart ging al eens voorbij na longontsteking

Een zware en emotionele tijd, vertelt Ten Napel. „We zagen elkaar wekenlang niet, terwijl we elkaars steun zo nodig hadden.” Van achter een mondkapje namen de zussen afscheid, in de wetenschap dat degene die achterbleef eenzelfde lot tegemoet zou gaan.

„Nu merk ik dat het ook voor mij niet lang goed zal blijven gaan op deze manier. Het enige wat mij langer van mijn man, kinderen en kleinkinderen kan laten genieten, is een donorhart.” Ze staat op een wachtlijst, samen met zo’n 140 andere Nederlanders. (Tekst gaat verder na de foto)

En wat was ze afgelopen zomer dichtbij. Ten Napel had net medicijnen gekregen wegens een longontsteking. „De huisarts zei nog: het zal toch niet zo zijn dat er nu een oproep komt? En ja hoor, een dag later ging de telefoon. Ik kon wel door de grond zakken, want voor transplantatie moet je fit zijn. Het hart ging naar iemand anders.”

Alsof dat niet erg genoeg was, trof haar de volgende dag een herseninfarct, waar ze nagenoeg zonder schade van herstelde.

In het ziekenhuis naast ongevaccineerde

De tijd begint te dringen, merkt ze. Maar de oplopende opnames van coronapatiënten in de Nederlandse ziekenhuizen boezemen haar angst in. Want wat als er wél een donorhart beschikbaar is, maar er door ‘code zwart’ geen bed vrij is op de IC-afdeling? „Dat zou verschrikkelijk zijn. Dan zou er weer een hart aan mij voorbijgaan.”

Of nog erger, wat als ze besmet raakt met corona? „De kans is groot dat het dan klaar is. Een transplantatie zit er dan sowieso niet in.”

In ziekenhuizen komt Ten Napel liever niet meer. Twee weken geleden moest ze worden opgenomen omdat haar lichaam door de afwijking te veel vocht vasthield. „Ik moest even ‘afgewaterd’ worden. Eenmaal terug op zaal kwam ik naast mensen te liggen waarvan het bezoek niet was gevaccineerd. Waarom mogen die mensen zonder pardon een zaal op lopen waar iemand als ik lig? Dat kan hartstikke gevaarlijk zijn.”

‘Vaccintwijfelaars hebben nog keuze: maak die, alsjeblieft’

Ten Napel zou graag mensen die twijfelen over het coronavaccin willen wakker schudden. „De grote meerderheid op de IC’s is niet gevaccineerd. Die opnames kunnen dus worden teruggedrongen. Als je de prik het niet voor jezelf wil nemen, doe het dan voor mij of voor je opa of oma of de harde werkers in de zorg. Ik heb inmiddels na twee prikken en een boosterspuit geen keuze meer, ik kan niets extra’s meer doen. Twijfelaars hebben nog wel de keus: maak die, alsjeblieft!”