Column Eric van Oosterhout | Mooi bootje

Het is een bekend verhaal. Als je in het Noorden van het land woont, kijk je niet op een kilometertje meer of minder. Hele delegaties uit het Westen komen zuchtend en steunend de Hondsrug op. Ik hoor mezelf dan vragen: ,,En, een goede reis gehad?” ,,Ja, het was een heel eind, maar we zijn er.” Die vraag krijg ik in Den Haag nooit.

Toen de dochters nog meisjes waren, draaiden we onze hand ook niet om voor een dagje Amsterdam of strand. In twee uurtjes ben je in Nederland een heel eind. En kinderen uit het Noorden hebben in de regel geen hekel aan autoritten. Al is het maar omdat er dan wat leuks gaat gebeuren.

Zo rijden we op een mooie zondagochtend in iets meer dan anderhalf uur naar Loosdrecht. Daar staan mooie huizen. Ik vermoed dat alleen sommige garages al meer kosten dan een leuke twee-onder-een-kapwoning in Emmen. Randstadvrienden denken dat we in een stadspark wonen, maar het is onze achtertuin. Maak het mee in Emmen.

Bij de jachthaven staan de drie dochters ons al op te wachten. Ze zijn al jaren het huis uit, maar het is elke keer weer een feest om ze te zien. Ik hoor het mijn moeder nog zeggen: ,,Ha jongen, fijn dat je er bent.” Ik snapte dat nooit echt, tot we zelf kinderen kregen.

Ze zien er weer prachtig uit. Ik zie de eigenaar van het botenverhuurbedrijf kijken. Nu niet gaan opscheppen: ,,Ja ja, dat zijn mijn dochters.” De vriendjes gaan ook mee. Leuke gasten. Inmiddels heb ik de cursus ‘omgaan met je schoonzoon’ met succes gevolgd. Het helpt als ze een beetje lief zijn voor je kostbaarste bezit. Feyenoord-supporters krijgen bonuspunten.

Hond Benny heeft er ook zin in. Hij staat nerveus te springen. Als geboren Griek is hij nog niet heel veel gewend in Nederland, en van bootje varen heeft hij nog nooit gehoord.

We brengen een hoeveelheid eten aan boord, die niet zou misstaan op een vierdaagse cruisetocht. Even later varen we de prachtige Loosdrechtse Plassen op. Het is prachtig weer. Eén van de schoonzonen staat als een stoere Captain Iglo aan het roer, zodat ik op mijn gemak kan zitten. Loslaten is een vak. Na de koffie varen we een sluis door, alsof we het elke dag doen. Langs de Vecht zien we de mooiste huizen, terwijl we sloom de voorbijgaande boten groeten. Benny loopt van de een naar de ander voor een knuffeltje of een gevallen stukje worst. Een wat ingewikkeld zelfbedieningssluisje is een leuke tussenstop, die voor een hoop lol zorgt. Op een eilandje laat ik Benny even uit, terwijl de dames zichzelf uitlaten op het wankele toilet.

Na vier uur stevenen we weer af op de thuishaven. Ik zit wat te soezen. De boot kabbelt rustig voort, de meiden geinen wat met de jongens, een knipoogje naar de leuke moeder die ik al veertig jaar ken. Benny komt bij me voor een zoveelste knuffeltje. Hij wel. Stop de film maar. Mooier wordt het niet.