Column Henk Folkerts | Af en toe bijvullen

Toen we nog maar kort in Emmen woonden waren we een weekendje in de omgeving van Zutphen. In een winkel vol met oude spullen zagen we een pinda-automaat staan. We werden er gelijk verliefd op. U weet wel, zo'n automaat met een grote glazen bol. Onder de glazen bol zit een hendel en daaronder weer een bakje waar de pinda's invallen.

Vroeger zag je ze wel op de toog in het café staan. Die moest mee naar Emmen, vonden we. En ondanks dat de prijs, na flink afdingen, erg meeviel moesten we hem op de fiets wel naar de camping even buiten Zutphen zien te krijgen. Dat was een behoorlijke onderneming.

Wat we ons vooraf alleen niet goed realiseerden was dat die automaat nogal populair is geworden bij familie en vrienden. Meestal wordt er wel een ruk gegeven aan de hendel, omdat ze wel zin hebben in wat lekkers, maar ook om te checken of de automaat het echt wel doet. Als we hem dus weer eens moeten bijvullen ben elke keer minimaal tien euro kwijt, wil het weer lijken alsof er wat in zit. We vullen hem met dropstaafjes, niet alleen lekker maar ze passen door de opening en kleven niet tegen het glas. Bovendien lijken de kleuren van de dropstaafjes erg vrolijk.

U denkt waarschijnlijk onderhand: ‘Wat zit je nou te bazelen over een snoepautomaat, joh’.

Die snoepautomaat, bedacht ik me ineens, staat voor het leven wat ik heb. Een mooi leven. Een kleurrijke baan in de kerk, nog een andere erg veelzijdige baan. In mijn vrije tijd vooral zanger, columnist. Ik pas me dus makkelijk aan. En ik doe het vooral goed in een open maar beschutte omgeving. Af en toe moet ik wel weer even bijgevuld worden.

Ik gun iedereen zo'n mooie snoepautomaat.